Er zijn delen van jou
die zich stil hebben gehouden
omdat dat ooit veiliger was.
Delen die zich hebben aangepast,
zich kleiner hebben gemaakt,
of zich hebben teruggetrokken
om niet op te vallen,
niet te storen,
niet te veel te zijn.
Niet omdat ze er niet mochten zijn—
maar omdat er geen ruimte was
om ze te laten bestaan
zoals ze werkelijk zijn.
En zo zijn ze
langzaam naar de achtergrond verdwenen.
Niet weg,
maar wachtend.
Wachtend op een moment
waarop het niet langer nodig is
om zich te verbergen.
Want wat in de schaduw leeft,
is niet minder waard—
het is alleen nog niet gezien
in het licht van zachtheid.
En dat licht
hoeft niet fel te zijn.
Het mag klein beginnen.
In het erkennen
van wat je voelt,
zonder het weg te duwen.
In het toelaten
van wat zich aandient,
zonder het direct te willen veranderen.
Niet alles in jou
wil opgelost worden.
Sommige delen
willen alleen maar
gezien worden
zoals ze zijn.
En misschien is dat wel
waar het werkelijk om gaat—
dat jij jezelf
langzaam weer terughaalt
uit de schaduw
waar je ooit moest verdwijnen.