Soms verwarren we liefde met spanning.
Met twijfelen.
Met voortdurend bezig zijn met wat de ander denkt, voelt of doet.
Alsof liefde iets is wat ons uit balans brengt.
Maar echte liefde vraagt niet om voortdurende onrust.
Ze vraagt niet dat je jezelf kleiner maakt.
Niet dat je op je tenen loopt.
Niet dat je steeds opnieuw moet bewijzen dat je de moeite waard bent.
Echte liefde brengt iets anders.
Ruimte.
Rust.
Veiligheid.
Niet omdat er nooit verschillen zijn.
Niet omdat alles altijd gemakkelijk is.
Maar omdat je niet voortdurend hoeft te vechten voor je plek.
Je mag er zijn.
Met je twijfels.
Met je eigenaardigheden.
Met alles wat jou mens maakt.
En ergens onderweg merk je dat je lichaam ontspant.
Dat je adem dieper wordt.
Dat je hart niet langer hoeft te schreeuwen om gehoord te worden.
Maar gewoon mag uitademen.